dinsdag 5 februari 2013

Over fantoomprovocateurs, diversiteit, politieke tegenstanders en linkse media

Nu de storm over de regenboogtruien van de Antwerpse loketbedienden wat is gaan liggen en gisteren Bart De Wever ook zijn recht van antwoord in de geschreven pers en Terzake heeft gekregen, is het tijd om eens een analyse van dit opstootje te maken. Want er is in het weekend en gisteren ook nog veel over en weer geschreven en met modder gegooid, maar wie heeft er nu gelijk en/of wie gebruikt één zinnetje om er politiek en redactioneel misbruik van te maken?

Laten we beginnen bij het begin, namelijk het bewuste zinnetje. Want iedereen reageert op deze zin, maar heeft iedereen ook het volledige artikel gelezen? Het bewuste artikel verscheen in De Standaard van 2 februari 2013 en maakte deel uit van de reeks De terugkeer van de ideologie waarbij de krant stilstond bij de terugkeer van de ideologie in de politiek aan de hand van interviews met de verschillende partijvoorzitters.
Laat ik even de passage hernemen waar Bart De Wever het in het artikel heeft over de neutraliteit die heerst bij de Stad Antwerpen:
Moeten we niet aanvaarden dat die hoofddoek er gewoon bij hoort?
'Dat hebben we ook aanvaard. Maar er zijn altijd grenzen. Ik kan mij morgen associëren met de Dani en beslissen om alleen nog een peniskoker te dragen, maar ik denk niet dat ik ver van mijn voordeur zou geraken. Elke vorm van expressie is begrensd. Dat is bij uitstek zo als je namens de stad Antwerpen aan een loket zit. Mag een vrouw een hoofddoek dragen? Uiteraard. Maar niet achter een loket. Wie het gezicht is van de stad Antwerpen, wordt neutraliteit opgelegd. Een loketbeambte mag ook geen t-shirt dragen met het opschrift “Eigen volk eerst”. Ik wil ook niet dat iemand met een regenboog-T-shirt achter het loket zit.'
Waarom niet?
'Omdat een homoseksueel via een dergelijke symboliek duidelijk maakt dat hij of zij die obediëntie is toegedaan. En andere mensen herkennen dat.'
En dat mag niet?
'Nee. Heb ik iets tegen homo's? Integendeel. Ik heb zeer gewaardeerde partijgenoten die homoseksueel zijn. Maar vind ik dat je met zo'n T-shirt achter een loket kunt zitten? Nee. Ik wil bescheiden uitingen van individuele identiteit door de vingers zien, maar een klant bij de stad Antwerpen heeft er geen boodschap aan te weten dat de loketbeambte een homoseksuele islamiet is die voor Vlaams Belang stemt.'”

En toen barstte de hel los. Iedereen had wel iets te zeggen over het feit dat Bart De Wever ‘homokledij’ verbood voor zijn stadspersoneel. En het was inderdaad een trein die vertrok en waarop iedereen mee opsprong. Artikel gelezen of niet. En begon dat zinnetje dus ook zijn eigen leven te leiden, mee aangewakkerd door politici van andere partijen en linkse opiniemakers. En wederom bleek Yves Desmet mee het voortouw te nemen in het verweer tegen de nieuwe burgemeester van Antwerpen. Laten we dan ook zijn opiniestuk eens onder de loep nemen, want gewild of ongewild, het was zijn column die op maandag gebruikt werd als ijkpunt tegen Bart De Wever, getuige ook zijn interview ’s avonds in Terzake.


Als ik niet beter zou weten, zou ik zelfs durven denken dat Yves Desmet het artikel in De Standaard helemaal niet gelezen heeft.

Zo steekt Desmet dadelijk van wal met “…, in een maatschappelijk debat dat dit weekeinde op gang getrokken werd door de Antwerpse burgemeester Bart De Wever.” en “Nee, echte prioriteiten eerst, en daarom moest even duidelijk gesteld dat na de hoofddoek voortaan ook het regenboog-T-shirt in de stad A verboden is, omdat het te duidelijk zou tonen dat de drager ervan tot de 'obediëntie' van de homoseksualiteit hoort.”
Eerst en vooral wordt er volgens mij nergens een maatschappelijk debat op gang getrokken door Bart De Wever. Net zo min als de dwaling dat Bart De Wever voortaan het regenboog-T-shirt verbiedt. Bart De Wever probeert in dit artikel simpelweg te verklaren wat men onder de neutraliteit van stadspersoneel moet verstaan. En dat dit dus ruimer moet gezien worden dan enkel maar de hoofddoek. Stadspersoneel mag nu eenmaal geen duidelijke voorkeur etaleren, en moet dus ook de neutraliteit in zijn kleding bewaken. En o ja, de hoofddoek en de regenboog-T-shirt zijn helemaal niet verboden in de stad A, enkel maar voor het stadspersoneel, die na hun werkuren overigens gerust mogen dragen wat ze willen. Dit even ter verduidelijking van de gratuite veralgemening die Yves Desmet hierboven maakt.

Maar het is nog niet gedaan, in de alinea hieropvolgend legt Desmet uit waarom Bart De Wever volgens hem een fantoomprovocateur is: “Nu kunnen we even niet opgelet hebben, maar tot nog toe zijn er bij ons weten nog geen regenboogdragende ambtenaren gemeld. Net zomin als er al betogende moslims waren toen de Antwerpse burgemeester een samenscholingsverbod aankondigde. De Wever maakt er een sport van fenomenen die er niet eens zijn te problematiseren en erover te provoceren.”
Waar in hemelsnaam zegt De Wever dat er een probleem is met regenboogdragende ambtenaren? Inderdaad, nergens!
Het al dan niet afroepen van een samenscholingsverbod is dan weer iets helemaal anders. Want dit is een aangelegenheid waarbij je als burgemeester nooit kunt winnen. Roep je vooraf zulk een verbod af, dan krijg je de verontwaardiging van je politiek linkse tegenstanders over je heen. Is er op voorhand geen verbod en komt het wel tot rellen, dan krijg je alle politieke tegenstanders over je heen. Want dan heb je als burgemeester weer niet snel genoeg gehandeld, voel je niet aan wat er leeft in de eigen stad, bestuur je niet daadkrachtig genoeg,… Dus in beide gevallen hadden mensen zoals Yves Desmet wel een stok gevonden om te slaan. Maar hoe zit het met de inwoners van onder andere de Turnhoutsebaan in Borgerhout? Misschien was daar een meerderheid wel tevreden over het vooraf aangekondigd samenscholingsverbod? Op deze manier is het zeker niet tot rellen gekomen en zijn hun auto’s onbeschadigd gebleven en hun ramen niet aan dingelen geslagen. Er waren aanwijzingen dat er die dag wel degelijk betogingen zouden kunnen plaatsvinden, en dan moet je als burgemeester snel handelen, en vooral in het belang van je inwoners. Een belang dat politieke tegenstanders en opiniemakers schandelijk misbruiken om hun eigen ‘gelijk’ te willen halen.

Yves Desmet eindigt met hetvolgende: “Dat is de kern van wat De Wever zegt: de stad is niet langer een oord van diversiteit, van verschil en van anders mogen en kunnen zijn. De stad moet zijn zoals wij. En alle anderen, in kleding, mening of obediëntie, die zijn belachelijk.”
Zware woorden die hij meent te mogen schrijven omwille van de linkse interpretatie die hij aan bepaalde beleidsmaatregelen in Antwerpen geeft. Veel van deze maatregelen zijn nochtans reeds in het leven geroepen door de vorige Antwerpse burgemeester Patrick Janssens (SP.A), een figuur die Yves Desmet waarschijnlijk beter ligt dan Bart De Wever.

Laten we dan het bestuursakkoord voor Antwerpen 2013-2018 er eens bijnemen. Wat zegt dit akkoord zoal over diversiteit:
1. De stad wil dat de lokale politie een kleurrijke dienst is die aandacht besteedt aan diversiteit binnen en buiten haar organisatie. Hiervoor zal de bestaande diversiteit binnen het korps in kaart worden gebracht en zal een geïntegreerd diversiteitbeleid binnen een globaal HR-beleid ontwikkeld worden. We beseffen dat inspanningen in het verleden onvoldoende resultaat hebben opgeleverd en dat we daarom moeten werken aan de competenties van Antwerpenaren van allochtone origine om de politieopleiding succesvol te kunnen aanvatten. Dit om een optimale werking van de politie in het Antwerpen van vandaag en morgen te bekomen.
2. Anderzijds moet aandacht geschonken worden in het levensbeschouwelijke onderricht aan de diversiteit van religies en levensbeschouwingen en de noodzaak aan een actieve dialoog, verdraagzaamheid, wederzijds respect en wederkerigheid.
3. Onze stad is meer dan een optelsom van alle Antwerpenaren. Het is een stadsgemeenschap die bestaat uit een rijke diversiteit aan talloze culturen, levensbeschouwingen, wijken en straten, verenigingen, bedrijven, gezinnen, individuen, … Samen vormen wij Antwerpen.
4. Antwerpen is een stad waar iedereen aan bod komt, ongeacht huidskleur, geloof, seksuele geaardheid of handicap. De stad heeft een voorbeeldfunctie vooralle Antwerpenaren en zal daarom een doorgedreven diversiteitsbeleid voeren.
5. Het inclusief integratiebeleid wordt gecoördineerd en opgevolgd aan de hand van concrete en meetbare indicatoren. Zo kan de relatieve positie van mensen met een migratieachtergrond op een zo objectief mogelijke manier in kaart gebracht en opgevolgd worden. Hierbij wordt rekening gehouden met de diversiteit binnen doelgroepen.
6. De stad moet de A-waarden die ze intern hanteert (diversiteit, samenwerking, kostenbewustzijn, klantgerichtheid en integriteit) uitdragen in alles wat ze doet.

Dit bewijst dus dat hetgeen Yves Desmet ter afsluiting van zijn column beweerd en dus extra in de verf wil zetten totaal uit de lucht gegrepen is, ja zelfs belachelijk (om het dan maar in zijn woorden te zeggen). Zou het kunnen dat hij door zijn afkeer van De Wever als journalist niet meer de juiste analyse kan maken of bewust zaken verdraait in de hoop dat zijn artikels meer gelezen zullen worden dat het bestuursakkoord? En men zo als kiezer dan ook een foutieve interpretatie van bepaalde beleidsmaatregelen meekrijgt?

In heel deze storm bleef maar één groep objectief en correct, en dat zijn de holebi’s zelf. De koepelorganisatie van de verenigingen voor holebi's en transgenders in de provincie Antwerpen, Het Roze Huis-çavaria Antwerpen, benadrukte in een persbericht onder andere dat Bart De Wever spreekt als werkgever die de neutraliteit van zijn personeel belangrijk vindt, en dat het verbod op het dragen van regenboog-T-shirts niet stigmatiserend is.

Het is duidelijk dat vooral de linkse pers en sommige politieke tegenstanders een héél lelijk spel aan het spelen zijn. Een spel dat in een samenleving waarbij burgers steeds meer en meer het recht in eigen handen durven nemen wel eens kwalijke gevolgen zou kunnen hebben. Er moet maar één fanatiekeling zijn die blindelings gelooft wat de tegenstanders van Bart De Wever beweren en beslist dat de burgemeester van Antwerpen een gevaar is voor de samenleving.

Zouden bepaalde politieke tegenstanders en opiniemakers zoals Yves Desmet dan een mea culpa slaan? En beseffen dat zij de echte fantoomprovocateurs waren?

Nick Mertens
5 februari 2013

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen